Nieuw akkoord PC 200: 1.1% loonsverhoging

Vakbonden en werkgevers in Paritair Comité 200 hebben een nieuw akkoord gesloten. Hierin zijn een aantal nieuwe sectorafspraken vastgelegd voor 2017-2018. Onze payrollexperte, Sofie Paeschuyzen, geeft tekst en uitleg, aangevuld met tips op maat van uw kmo!

1.1% loonsverhoging of een gelijkwaardig alternatief

Vanaf 1 oktober 2017 moet u alle brutolonen met 1.1% verhogen.

Stel, uw onthaalbediende verdient nu 2000 euro bruto. Een loonsverhoging van 1.1% geeft hem/haar vanaf oktober een brutoloon van 2022 euro. Als werkgever betaalt u 30% rsz-bijdrage op deze extra 22 euro. Dit brengt de totale kost, inclusief vakantiegeld en eindejaarspremie, voor u op 398 euro per jaar.

U kan deze loonsverhoging omzetten in een alternatief voordeel, bijvoorbeeld een verhoging van de groepsverzekering, een verhoging/invoering van maaltijdcheques of een keuzebudget voor flexibele verloning. Dit alternatief moet gelijk zijn aan de totale kost van 1.1% loonsverhoging. In ons voorbeeld moet uw alternatief dus gelijk zijn aan 398 euro op jaarbasis.

Sofie PaeschuyzenSofie Paeschuyzen: Kiezen voor een alternatief heeft voor- en nadelen. Het kan een loonoptimalisatie zijn waar uw werknemers netto meer aan overhouden, dan aan een verhoging van het brutoloon. Anderzijds zorgt het voor extra administratieve beslommeringen. Bij volgende indexeringen of verhogingen van het brutoloon, moet u er steeds aan denken dat een deel van het brutoloon is omgezet in een alternatief. Ook dit alternatief moet u dan telkens aanpassen! Daarom raad ik aan om het brutoloon te verhogen en voor eenvoud te kiezen. Loonoptimalisatie doet u beter los van deze verplichte loonsverhoging.

Wie toch kiest voor een alternatief, moet dit schriftelijk vastleggen. Werkgevers met een vakbondsdelegatie moeten hiervoor een bedrijfsakkoord sluiten met de delegatie voor 30 september 2017. De andere werkgevers moeten iedere bediende schriftelijk en individueel informeren over het alternatief bij de loonberekening van oktober.

2 dagen opleiding per jaar

De huidige afspraken rond opleiding worden verlengd. Volgend jaar hebben bedienden in PC200 recht op twee dagen opleiding tijdens de werkuren. Of anders geformuleerd: u heeft als werkgever de verplichting om uw werknemers 2 dagen opleiding aan te bieden. U kiest de inhoud en de formule van de opleiding. Ook opleidingen “on the job” tellen mee. Wist u dat u ook bij Cevora terecht kunt voor een brede waaier aan gratis opleidingen voor uw werknemers? Voor het einde van het jaar moet u aan de bediende meedelen welke zijn opleidingsdagen zijn.

Sofie Paeschuyzen

Sofie Paeschuyzen:  Heeft u al een opleidingsplan? Dat biedt namelijk tal van voordelen: kortingen voor opleidingen buiten Cevora, gratis opleiding voor bedrijfsleiders, gratis in-company opleiding van Cevora,… En bovendien vraagt het niet veel tijd. In het najaar wordt de registratie van plannen terug geopend op de website van het Sociaal Fonds PC 200.

 

Verlenging tijdskrediet met motief 

Het tijdskrediet met motief wordt verlengd tot 51 maanden (voordien 48 maanden) voor bedienden met minstens 5 jaar anciënniteit bij hun werkgever.  Wie minder anciënniteit heeft, behoudt het recht op 24 maanden. Dit tijdskrediet is van toepassing voor de zorg voor een kind tot 8 jaar, palliatieve verzorging, de verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid of de zorg voor een kind met een handicap tot 21 jaar.

Alle andere regels rond tijdskrediet in PC200 blijven behouden tot 30 juni 2019.

Sofie PaeschuyzenSofie Paeschuyzen:  Vreest u als kmo-zaakvoerder al voor uw personeelsbezetting? In kleine kmo’s (met 10 werknemers of minder) kan u het tijdskrediet van uw werknemers weigeren. Zonder uw akkoord vervalt hun recht op tijdskrediet. In grotere ondernemingen geldt  een maximumdrempel van 5% van de werknemers die tegelijkertijd tijdskrediet kunnen nemen. Opgelet! Dit geldt niet voor bijvoorbeeld ouderschapsverlof. Dat kan u nooit weigeren, enkel de startdatum uitstellen met maximum 6 maanden.

Verlenging SWT-stelsels en landingsbanen 

Hoort u het in Keulen donderen bij deze begrippen? Geen nood, wij loodsen u er doorheen. Heeft u geen 55-plussers in dienst? Dan is dit niet van toepassing op uw kmo. Spring ineens naar paragraaf 5.

SWT is het vroegere brugpensioen. Oudere werknemers die ontslagen worden (en aan bepaalde voorwaarden voldoen) krijgen een gunstig werkloosheidsstatuut. Ze ontvangen een werkloosheidsuitkering plus een toeslag van de werkgever die hen ontslaat. Voor de doorsnee werknemer kan dit vanaf de leeftijd van 62 jaar. Wie gewerkt heeft in een zwaar beroep, 20 jaar nachtprestaties heeft geleverd of een loopbaan heeft van 40 jaar, kan al op 58 jaar in dit statuut stappen. In 2018 pas vanaf 59 jaar. De werknemer moet minstens 10 jaar anciënniteit hebben in de onderneming.

Landingsbanen zijn er voor 55-plussers die hun prestaties met 1/5 of halftijds willen verminderen. Dit wel op voorwaarde dat men 2 jaar anciënniteit heeft in de onderneming, een loopbaan heeft van minstens 35 jaar of gewerkt heeft in een erkend zwaar beroep of 20 jaar nachtprestaties heeft geleverd. Bedienden die gebruik maken van de 1/5landingsbaan ontvangen hiervoor een premie van 70.66 euro van het sociaal fonds. Voor de halftijdse loopbaanvermindering is er voorlopig geen premie voorzien.

Terugbetaling woon-werkverkeer met eigen vervoer 

Voor werknemers die met eigen vervoer naar het werk komen, moet u een deel van deze vervoerskost terugbetalen. Dit was voordien enkel voor medewerkers die per jaar minder verdienden dan 26.250 euro. Deze grens wordt vanaf 1 januari 2018 opgetrokken tot 27.750 euro.

 

Wij passen alle punten en komma’s in uw dossier aan op basis van de nieuwe afspraken. Contacteer ons en wij trekken onze zevenmijlslaarzen aan om u hierbij te helpen!